Nieuwe apparatenlijst 2022

1.1   Waarom een nieuwe apparatenlijst in 6 cat. vanaf 01/01/2022?

De wijzigingen die vanaf 15 augustus 2018 in werking zijn getreden op basis van de EU Richtlijn 2012/19/EU van het Europees Parlement en de Raad van 4 juli 2012 betreffende afgedankte elektrische en elektronische apparatuur (AEEA), bepalen dat er op basis van 6 nieuwe hoofdcategorieën gerapporteerd dient te worden en dit in plaats van de 10 hoofdcategorieën die tot 31/12/2021 worden gebruikt. Recupel past deze nieuwe 6 hoofdcategorieën vanaf 01/01/2022 toe in de nieuwe apparatenlijst.

 

Meer uitleg over de aanpassingen die de nieuwe apparatenlijst 2022 met zich meebrengt kan je hier raadplegen.

1.2   Wat zijn de nieuwe 6 hoofdcategorieën vanaf 01/01/2022?

De EU Richtlijn 2012/19/EU betreffende afgedankte elektrische en elektronische apparatuur (AEEA) onderscheidt 6 nieuwe hoofdcategorieën. De criteria van de nieuwe indeling zijn gebaseerd op de aard van het apparaat (warmte- of koude-uitwisselende apparatuur, apparatuur met een scherm, lampen, kleine en grote elektr(on)ische apparatuur en ICT apparaten) en op basis van de afmetingen (groter/kleiner dan 50 cm).

 

Hieronder de 6 categorieën zoals ze terug te vinden zijn in “Bijlage III” van de hierboven vermelde richtlijn :

  1. Warmte- of koude uitwisselende apparatuur
  2. Schermen, monitors en apparatuur met schermen die een oppervlakte hebben van meer dan 100 cm²
  3. Lampen
  4. Grote apparatuur (met een buitenafmeting van meer dan 50 cm)
  5. Kleine apparatuur (zonder buitenafmeting van meer dan 50 cm)
  6. Kleine IT- en telecommunicatieapparatuur (zonder buitenafmeting van meer dan 50 cm)

1.3   Hoe bepaal ik vanaf 01/01/2022 of een product moet worden aangegeven of niet?

Met de implementatie van de nieuwe apparatenlijst vanaf 01/01/2022 wordt ook de “open scope” van toepassing. De “open scope” houdt in dat alle elektr(on)ische apparaten aan te geven zijn tenzij deze apparaten deel uitmaken van de uitzonderingen opgenomen in de Richtlijn 2012/19/EU of de uitzonderingen die specifiek per subcategorie in de apparatenlijst worden vermeld.

 

Meer weten over de uitzonderingen  op basis van de Richtlijn 2012/19/EU? Klik dan hier.

 

Voor de specifieke uitzonderingen per subcategorie raden wij je aan om onze apparatenlijst 2022 te raadplegen.

 

Bij verdere onduidelijkheid kan je steeds een productvraag op onze website indienen.

1.4   Hoe bepaal ik of mijn product huishoudelijk of professioneel is?

Het huishoudelijk of professioneel karakter van de apparaten wordt behouden en wordt vanaf 01/01/2022 bepaald op basis van het beoogde gebruik van het product en dus niet langer op basis van objectieve criteria zoals gewicht/ grootte/ vermogen.

 

Apparaten die zowel in een huishoudelijke - en professionele omgeving kunnen voorkomen (vb. laptop), worden beschouwd als huishoudelijke toestellen. Apparaten die exclusief bestemd zijn voor gebruik in een professionele omgeving (vb. koffiemachine horeca) worden als professioneel beschouwd. 

 

Opmerking: Een product is huishoudelijk tenzij kan worden bewezen dat het een professioneel karakter heeft.

 

Om je te helpen het beoogde gebruik van uw toestel te bepalen, vermeldt de apparatenlijst expliciete definities, voorbeelden en uitzonderingen. Deze moeten gevolgd worden. Als de apparatenlijst geen uitsluitsel biedt, bepaal je het huishoudelijke of professionele karakter van het apparaat via het stappenplan dat Recupel heeft uitgewerkt. Je kan hier het stappenplan raadplegen.

 

Meer uitleg over het verschil tussen het huishoudelijk en professioneel karakter van een elektr(on)isch apparaat kan je hier raadplegen.

1.5   Hoe ziet de structuur van de nieuwe apparatenlijst eruit?

Elke categorie heeft een nummering:

  1. Het eerste cijfer geeft steeds de Europese WEEE-categorie weer.
  2. De overige cijfers verwijzen naar de subcategorieën.
  3. De professionele apparaten behoren tot subcategorieën waarvan de laatste 2 cijfers groter of gelijk zijn aan 50.

Bijkomende informatie m.b.t. de apparaten die tot de verschillende (sub)categorieën behoren wordt in de apparatenlijst verduidelijkt en dit aan de hand van definities/ voorbeelden/ uitzonderingen en apparaten die niet aan te geven zijn.

 

Wat de subcategorieën 4 (apparaten met één  buitenafmeting > 50 cm), 5 (apparaten waarvan alle buitenafmetingen ≤ 50 cm) en 6 (kleine IT- en telecommunicatieapparatuur waarvan alle buitenafmetingen ≤ 50 cm) betreft, dient benadrukt te worden dat heel wat subcategorieën uit hoofdcategorie 4 een tegenhanger hebben als subcategorie uit hoofdcategorie 5 of 6 en dit afhankelijk van de buitenafmeting. Zo valt een verlichtingsarmatuur met één buitenafmeting > 50 cm bijvoorbeeld in de subcategorie 4.6 en behoren de armaturen waarvan alle buitenafmetingen ≤ 50 cm tot de subcategorie 5.6.

1.6   Hoe bepaal ik de afmetingen van mijn elektr(on)isch apparaat?

Voor de categorieën 4, 5 en 6 dien je je te baseren op de afmetingen van uw apparaat. Hieronder vind je enkele aanbevelingen over hoe je deze afmetingen kan bepalen:

  • Indien de afmetingen van het apparaat via de producent gekend zijn, dien je je hierop te baseren.
  • Indien de afmetingen van het apparaat niet gekend zijn via de producent, dien je dit apparaat zelf te meten in zijn meest compacte vorm, met uitsluiting van de niet-elektrische accessoires die eraan verbonden zouden kunnen zijn:
    • Kabels dienen bijvoorbeeld in hun meest compacte vorm gemeten te worden, en niet in functie van hun totale uitgestrekte lengte;
    • Plastiek accessoires die bijvoorbeeld gekoppeld kunnen worden aan een stofzuiger en die gemakkelijk verwijderd kunnen worden, dienen niet opgenomen te worden voor deze meting. 

Meer uitleg over het meten van een elektr(on)isch apparaat kan je hier raadplegen.

esc